100 tips

Alle    .
Alle 100 tips op een rij:

…..> Huisvesting

  1. Breng het energieverbruik en de CO2-footprint van uw organisatie in kaart. Op basis hiervan wordt direct zichtbaar waar je het beste kunt besparen.
  2. Kies voor duurzame energieopwekking op eigen bedrijfsgrond, bijvoorbeeld door middel van windmolens of zonnepanelen.
  3. Koop hernieuwbare energie in, van Nederlandse oorsprong.
  4. Onderhandel bij de keuze voor huisvesting over het energielabel van het gebouw.
  5. Vergroen het dak of de gevel van uw bedrijf. Dit isoleert goed, verlengt de levensduur van het dak en het zorgt voor een geleidelijke afvoer van het regenwater.
  6. Voorzie uw gebouwgevels, grote installaties, interieur en daken van een biotechnologische coating. Hierdoor worden de materialen veel minder snel vies, slijten zij minder snel en hebben zij minder schoonmaak en onderhoud nodig.
  7. Kijk bij de keuze voor huisvesting naar de mogelijkheden die bestaande gebouwen bieden in plaats van nieuwbouw.
  8. Kies bij nieuwbouw of verbouwingen voor kozijnen, buitenvloeren en interieur van bamboehout.
  9. Zorg voor de juiste luchtfilters in het pand om zo energie te besparen.
  10. Zet de thermostaat een paar graden lager.
  11. Plaats een schemerschakelaar of een bewegingsschakelaar voor uw verlichting.
  12. Maak gebruik van TL5 lampen of LED-verlichtingssystemen.
  13. Plaats een tijdschakelaar op uw luchtbehandelingssystemen, zodat deze draait tijdens kantooruren. Houd hierbij rekening met opwarm- en afkoeltijden zodat het pand bij opening op de juiste temperatuur is.
  14. Bespaar op gasverbruik voor verwarming van (hoge) productieruimten door direct gestookte gas-heaters te vervangen voor HR-heaters. Als de ruimte slecht geïsoleerd is of wanneer niet de hele ruimte wordt gebruikt, verwarm dan lokaal door middel van stralingsverwarming.
  15. Controleer en onderhoud uw verwarmings- en luchtverversingsinstallaties jaarlijks.
  16. Verlaag het toerenniveau van uw ventilatoren van de airconditioning.
  17. Pas warmteterugwinning op het centrale ventilatiesysteem toe. De warme afvoerlucht wordt gebruikt om koude toevoerlucht op te warmen. Afhankelijk van het toegepaste systeem kan daarmee een rendement van 45 tot 75% worden behaald.
  18. Ventileer uw ruimte regelmatig. Droge lucht opwarmen kost minder energie dan vochtige lucht en is gezonder. Tips voor goede ventilatie vindt u op de website van UnitedConsumers.
  19. Zorg ervoor dat uw medewerkers aan het einde van een werkdag alle apparaten (computers, printers, radio, beeldschermen etc…) volledig uitzetten (dus ook niet op standby laten staan).
  20. Stel energiebesparende instellingen in op de apparaten die daarvoor geschikt zijn. Denk aan printers, multifunctionals, computers, koffiemachines, frisautomaten en andere cateringvoorzieningen.
  21. Gebruik zonwering om gebruik van de airco-installatie te verminderen.
  22. Gebruik licht kopieerpapier: 80-gramspapier voor documenten die lang mee moeten en 70-75-gramspapier voor prints die niet geachiveerd hoeven te worden.
  23. Gebruik papier dat gerecycled en ongebleekt is.
  24. Verminder papiergebruik door zoveel mogelijk digitaal te werken en zo weinig mogelijk te printen.
  25. Stel uw printer in op standaard dubbelzijdig printen.
  26. Maak gebruik van het Ecofont-lettertype: dit lettertype gebruikt tot 20% minder inkt en is toch goed leesbaar.
  27. Gebruik geen screensaver (vooral niet met bewegende beelden). Dit bespaart energie.
  28. Kies voor energiezuinige hardware en software. Stel vragen aan uw ICT-leverancier over het energieverbruik van de hardware en de software of gebruik de criteria duurzaam inkopen van Agentschap NL om te komen tot keuze van energiezuinige hardware
  29. Kies voor printers zonder losse printservers.
  30. Hergebruik uw ICT-hardware of koop gebruikte ICT-hardware in.
  31. Kies voor duurzaam gerecyclde kartonnen bekertjes en roerstaafjes.
  32. Kijk eens naar de afvalstromen van uw bedrijf. Gescheiden afval kan weer als grondstof voor nieuwe producten dienen.
  33. Zorg ook voor afvalbakken voor verschillende afvalstromen.
  34. Zamel lege cartridges en oude mobieltjes in voor hergebruik.
  35. Kijk naar hergebruikmogelijkheden van kantoormeubilair.
    .
    > HR
    .
  36. Creëer als werkgever samen met uw medewerker de mogelijkheid voor een sabbatical.
  37. Betrek uw personeel bij het bedenken van oplossingen als er veranderingen nodig zijn.
  38. Laat niet alleen uw oudere werknemer de jongere werknemer coachen, maar ook andersom. De jongere werknemer brengt weer vaardigheden mee waar de oudere van kan leren. Denk aan vaardigheden op het gebied van social media, pc-gebruik, digitale fotografie etc…
  39. Denk bij het plaatsen van vacatures na over hoe u mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt kunt bereiken. Verschillende organisaties en uitzendbureaus richten zich op diversiteit en arbeidsparticipatie. Denk aan Onbegrensd Talent, Emma at Work, G-krachten (Wajongers) of Wijzer Werken.
  40. Zorg voor meer groen op de werkplek. Bloemen en planten geven je een goed gevoel en neutraliseren de lucht.
  41. Voer een jaarlijks een medewerkerstevredenheidsonderzoek uit.
  42. Geef uw medewerkers de mogelijkheid werk en privé te combineren. Dit door open te staan voor flexwerken en parttime werken, of door bijvoorbeeld kinderopvang aan te bieden.
  43. Stimuleer een gezonde levensstijl van uw medewerkers. Dit door bijvoorbeeld een gezonde lunch aan te bieden, korting op fitnesslessen te geven of fietsen naar het werk te faciliteren.
  44. Moedig werknemersvrijwilligerswerk aan. Zij kunnen vrijwilligerswerk vinden via www.vrijwilligerswerk.nl.
  45. Geef als werkgever aandacht aan de duurzame inzetbaarheid van uw werknemers, bijvoorbeeld door hen te laten ontwikkelen op werkgebieden waardoor zij breder inzetbaar zijn.
  46. Geef alle werknemers de kans hun vaardigheden te ontwikkelen, training en opleiding te volgen en hun carrière te ontwikkelen.
    .
    > Inkoop
    .
  47. Daag uw leveranciers uit: hoe staat het met energieverbruik, materiaalgebruik en herbruikbaarheid van uw inkopen?
  48. Stel ook uw bank of verzekeraar vragen over hun MVO-beleid. Wat financieren ze wel, wat niet? Stellen ze MVO-eisen aan klanten of investeringen?
  49. Selecteer uw leveranciers op basis van MVO-criteria. Heeft de leverancier een MVO-beleid? Hanteert de leverancier aantoonbare standaarden ten aanzien van milieuveiligheid en veiligheid?
  50. Vraag uw leverancier of hij milieuvriendelijke transportmogelijkheden heeft, zoals elektrisch vervoer.
  51. Vraag uw leveranciers een leveranciersgedragscode te ondertekenen, waarin u aangeeft wat u van hen verwacht op het gebied van MVO.
  52. Maak uw leverancier verantwoordelijk voor het terugnemen van het verpakkingsmateriaal.
  53. Vraag een leverancier naar de mogelijkheden om het product(onderdeel) terug te nemen of te recyclen.
  54. Koop uw producten of diensten zo veel mogelijk in bij lokale bedrijven.
  55. Check de MVO-risico’s die u loopt bij de inkoop van uw producten die uit het buitenland komen en lees wat u kunt doen om deze risico’s te beperken via de MVO Risico Checker.
  56. Vraag offertes aan op functionaliteit in plaats van op specifieke productkenmerken. Vraag dus niet om een Opel Ampera, maar om vervoer van A naar B.
  57. Vraag offertes aan per mail in plaats van op papier.
    .
    > Logistiek
    .
  58. Zoek naar alternatieve vervoersmogelijkheden voor reizen met de auto. Denk aan reizen met de trein, bus of fiets. Dit is per kilometer goedkoper dan met de auto.
  59. Gebruik voor afspraken binnen 20 kilometer een elektische auto.
  60. Geef medewerkers een mobiliteitsbudget in plaats van een leaseauto. Dit stimuleert het gebruik van alternatieve vervoersmiddelen.
  61. Stimuleer duurzame vervoersmiddelen door verschillen aan te brengen in reiskostenvergoedingen of leaseregelingen: geef een hogere vergoeding wanneer een duurzamer alternatief wordt gekozen, en een lagere wanneer gekozen wordt voor een onduurzame auto.
  62. Faciliteer conference calling door op iedere computer programma’s als Microsoft Lync, Skype of Face Time te installeren. Dit beperkt vervoerskilometers doordat medewerkers vanuit huis kunnen deelnemen aan afspraken.
  63. Bundel uw afspraken om vervoerskilometers te beperken.
  64. Houd de bandenspanning van uw vervoersmiddelen en de auto’s van uw medewerkers op peil. Dit vermindert brandstofverbruik.
  65. Train uw medewerkers in het Nieuwe Rijden.
  66. Stimuleer zuinig rijden door leaserijders financieel te laten profiteren als zij zuinig rijden.
  67. Kies voor zuinige auto’s door te kijken naar het energielabel (A t/m G) of door te kijken naar de hoeveelheid CO2-uitstoot per kilometer.
  68. Kies voor een wagenpark dat op duurzaam opgewekte brandstoffen rijdt.
  69. Kies voor een duurzame koerier, zoals bijvoorbeeld De Fietskoerier of Valid Express.
    .
    > Communicatie
    .
  70. Laat uw medewerkers zelf hun werktijden bepalen. Op deze manier kunnen zij de spits vermijden. Dit levert minder files en vervuiling op.
  71. Vraag klanten en andere stakeholders om hulp bij dilemma’s. Zij kunnen u helpen bij het oplossen van knelpunten in uw MVO-beleid.
  72. Verdiep u in de belangen van stakeholders en leg de keuzes die u als organisatie maakt helder aan hen uit.
  73. Wees ook eerlijk als u iets niet doet, of over zaken die nog niet zo duurzaam zijn als u zou willen maar waar u wel aan werkt.
  74. Vertel niet alleen over de duurzaamheidsvoordelen van uw product, maar doe dit in combinatie met andere productkenmerken, zoals een mooi design, een uitzonderlijke smaak of gebruiksgemak.
  75. Wees niet bang om te communiceren over de duurzame dingen die er in uw organisatie al gebeuren.
  76. Doe wat u zegt.
  77. Zorg ervoor dat u alle duurzaamheidsclaims ook kunt bewijzen. Dit hoeft niet altijd door keurmerken of certificaten, maar het kan ook verhalend worden beschreven, bijvoorbeeld in uw duurzaamheidsverslag.
  78. Gebruik uw offertes, uw website of een apart maatschappelijk verslag om te communiceren over duurzaamheid.
  79. Voeg een blog toe aan uw website, waarin u eens in de maand een bericht plaatst over de vorderingen op zakelijk MVO-gebied.
  80. Vertel met behulp van storytelling wat u werkelijk doet en waarom u dit doet.
  81. Zorg ervoor dat uw medewerkers achter het MVO-verhaal staan en dit ook goed over kunnen brengen.
  82. Gebruik een MVO-jaarverslag waarin ook medewerkers zijn geïnterviewd over hun MVO-ervaringen of -successen, als startpunt om in gesprek te gaan met uw klanten en andere stakeholders.
  83. Vervang uw corporate papieren magazine of jaarverslag door een interactieve variant en bespaar zo papier, vervoer en afval.
  84. Stel consumenten in de gelegenheid uw product te vergelijken met andere producten.
    .
    > Productie
    .
  85. Benut uw capaciteit efficiënt. Als u tijdelijk overcapaciteit heeft van bijvoorbeeld bouwmaterieel, kantoorruimten, opslagruimte, heftrucks, audiovisuele apparatuur of faciliteiten of diensten (zoals kinderopvang, beveiliging, technische dienst of een financial controller), kunt u deze delen met andere bedrijven.
  86. Maak nieuwe producten van afval.
  87. Produceer uw producten zo dat deze aan het eind van de gebruiksfase makkelijk demontabel zijn en materiaalstromen eenvoudig gescheiden kunnen worden.
  88. Richt uw bedrijfsvoering efficiënt in: zorg dat gereedschap dichtbij hangt, bundel klussen van gelijke strekking etc.
  89. Maak gebruik van hernieuwbare materialen.
  90. Werkt u met perslucht? Bespaar door compressoren regelmatig te controleren en persluchtlekken (met name bij koppelingen en aansluitingen) te verhelpen.
  91. Leg een bussysteem aan en voorkom onnodig licht, afzuiging en compressie.
  92. Werkt u met elektromotoren? Gebruik softstarters op zware elektromotoren om energie te besparen en piekbelasting te verminderen.
    .
    > Algemeen
    .
  93. Begin gewoon. Bijsturen op basis van vergaard inzicht kan daarna altijd nog.
  94. Breng ter inspiratie met medewerkers een bedrijfsbezoek aan een koploper op MVO-gebied binnen de branche.
  95. Stel een MVO-werkgroep in en betrek medewerkers uit alle afdelingen van het bedrijf hierbij.
  96. Betrek uw medewerkers vanaf de start bij de MVO-activiteiten en laat hen meebepalen welke maatregelen of acties u op MVO-gebied neemt.
  97. Geef als directeur het goede voorbeeld.
  98. Gebruik het overzicht van hetgeen er al gebeurt in de organisatie op MVO-gebied als basis om prioriteiten te stellen of MVO-beleid op te stellen.
  99. Bundel de binnen de organisatie aanwezige kennis op gebied van MVO in een overzichtelijke database. Hier kunnen andere medewerkers van leren.
  100. Maak gebruik van mogelijke nationale en regionale subsidieregelingen voor MVO-investeringen. http://www.antwoordvoorbedrijven.nl/subsidies
Alle tips helpen om uw bedrijf een beetje duurzamer te maken. Hiermee zet u een waardevolle eerste stap!
Wilt u meer doen? MVO STEPS helpt u in 4 stappen bij het opstellen van een succesvol MVO-beleid.

.